Een van de opties om kapitaal te verkrijgen is om geld te lenen
van bekenden zoals familie, vrienden of een ander extern persoon.
In het Engels wordt deze groep van geldschieters ook wel
afgekort met FFF wat staat voor Friends, Family, Fools.
Als zij investeren in jouw bedrijf beschrijft de Belastingdienst dit als durfkapitaal en heeft
hiervoor extra mogelijkheden. Je partner of mede-ondernemer
is uitgesloten van de durfkapitaal regeling.
Waarom fools (gekken)? Eigenlijk wordt hiermee iedereen bedoeld
die geen investeerder, bank, specialist of deskundige is. Iedereen
die (waarschijnlijk) niet in de directe kapitaalmarkt werkzaam is.
Het betreft normale mensen die wellicht onvoldoende bekend zijn
met de risico's, werkzaamheden, branche of situatie en
hun geld vaak niet direct om het rendement investeren, maar om het verhaal en
beeld dat jij ze gegeven hebt. Ze investeren puur vanwege
hun vertrouwen in jou. Dat vertrouwen moet er wel zijn want de durfkapitaal
regeling is enkel mogelijk via een achtergestelde lening. Oftewel,
gewone schuldeisers zijn bij eventuele financiële problemen
het eerst aan de beurt. Bij een eventueel faillissement is de 'fool'
dan ook na de ondernemer zelf als eerste zijn geld kwijt!
Voorheen heette de durfkapitaal regeling bij de Belastingdienst de Tante Agaath
lening. Een verwijziging naar een geldgever als een rijke
tante die wil investeren in het opzetten van een bedrijfje van
een neefje of nichtje. Maar waarschijnlijk mede vanwege de verwarring
die onstond met deze naam (veel mensen dachten bijvoorbeeld dat
deze lening enkel voor familie mogelijk was) is deze financiering
tegenwoordig bij de Belastingdienst bekend als durfkapitaal
of startkapitaal.
Geld wordt door een persoon geleend aan een startende ondernemer die
hierdoor durfkapitaal verkrijgt. Samen met de persoon wordt er een
contract gemaakt waarin staat dat er geld geleend wordt en voor
welk doel. Tevens worden er afspraken gemaakt over de rente, de tijdsduur
van het contract en de hoeveelheid geld die uitgeleend wordt. Met
dit contract moet de startende ondernemer samen met de geldgever naar
de Belastingdienst voor een officiële goedkeuring. Wordt het contract
goedgekeurd, dan spreken we over durfkapitaal.
De belastingdienst zal het contract alleen goedkeuren als er minimaal
aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:
Als je denkt aan deze voorwaarden te kunnen voldoen stel je een contract
op met alle eigenschappen van de lening, zoals bovenstaande punten,
en noemt duidelijk dat het gaat om durfkapitaal voor een startende
ondernemer. Je noemt verder de looptijd en de gegevens van de geldlener
en geldgever, zoals de burgerservicenummers (voorheen sofinummer) en
naam en adresgegevens.
Zodra het contract af is en door beide partijen getekend is dient
het binnen 4 weken bij de Belastingdienst bekend te zijn.
Voor jou als ondernemer is misschien het enige voordeel van deze
financiering dat de illusie van fiscale voordelen bij de Belastingdienst
voor 'fools' een reden kan zijn om ze over de streep te trekken.
Een illusie, want écht voordelig is deze lening voor de geldgever
zeker niet. Zoals eerder genoemd hebben we het bij de durfkapitaal regeling over een achtergestelde
lening. De geldgever loopt dan ook behoorlijk wat risico's. Maar
er zijn wel enkele fiscale voordelen.
Zo is het bedrag de eerste acht jaar vrijgesteld voor de vermogensrendementsheffing
in box 3 tot maximaal € 54.223*. Oftewel de Belastingdienst erkent
dat de geldgever het geld echt even kwijt is.
Daarnaast zijn er voordelen voor de geldgever mocht het voor jou
helemaal niet meer mogelijk zijn om terug te betalen en hij besluit
uiteindelijk de schuld kwijt te schelden. Hij kan dan een deel of
zelfs de hele lening kwijtschelden. Het verlies dat de geldgever
daardoor lijdt is voor hem als een persoonsgebonden aftrekpost aftrekbaar
voor de inkomstenbelasting tot maximaal € 46.984*. Dit dient dan
wel binnen acht jaar na het verstrekken van de lening te gebeuren,
en de Belastingdienst dient een beschikking te hebben afgegeven
dat jij het kwijt te schelden bedrag niet meer kunt terugbetalen.
Daarnaast krijgt de geldgever een heffingskorting op de inkomstenbelasting.
Deze heffingskorting is 1,3% van de gemiddelde vrijstelling die
in box 3 voor hem geldt. De gemiddelde vrijstelling is maximaal
€ 54.223*.
* Let op: De genoemde cijfers kunnen veranderen en waren geldig
op 31/12/2008. Zie ook onze voorwaarden.